8 maart 2019

Niet zomaar genoegen nemen met uitleg Tennet over blokkeren van bouw zonneparken

De prijs van elektriciteit wordt bepaald door vraag en aanbod. Voor de productie van stroom in een centrale is brandstof nodig. De kosten van deze brandstof (gas, kolen, of biomassa) vormen het belangrijkste bestanddeel van de variabele kosten. Ook de kosten van de CO2-rechten, nodig voor het verbranden van fossiele brandstoffen, tellen mee in de variabele kosten. Elektriciteit opgewekt met wind of zon heeft de laagste variabele kosten. Hiervoor is geen brandstof nodig en er is geen sprake is van CO2-uitstoot. Stroom van hernieuwbare bronnen wordt het eerste geproduceerd en verkocht. Dat wordt wel de ‘merit order’ genoemd. Hoe groter het aanbod van hernieuwbaar opgewekte stroom, hoe lager het aantal draaiuren van fossiele centrales. Immers, hoe hoger je staat in de merit order (lees: hoe hoger je variabele opwekkosten), hoe eerder je moet worden afgeschakeld.

De ‘transportschaarste’, die door Tennet en Enexis begin dit jaar is afgekondigd, kan twee oorzaken hebben. Deze netbeheerders beroepen zich op hun onderschatting van het toekomstige aanbod aan hernieuwbare stroom. Dat zou best waar kunnen zijn, want in 2018 hebben veel zonneparken SDE+-subsidie gekregen. Maar er is geen reden om aan te nemen, dat hun inschatting van de vraag naar stroom opeens veel te laag zou zijn. Aanbod en vraag in een stroomnet zijn per definitie met elkaar in evenwicht. Dus: als er veel hernieuwbare stroom wordt aangeboden, moet de opwekking van stroom met kolen of gas worden onderbroken. Dat is voor centrales aan de Maasvlakte en de Eemsmond geen prettig bericht, want dat raakt hun winstgevendheid. Daar komt bovenop dat de hernieuwbare opwekking de prijs van stroom drukt, zoals in ons omringende landen is bewezen.

Het geeft te denken dat Tennet en Enexis de merit order zo maar terzijde schuiven. Vrezen zij de toorn van de eigenaren van de grote kolen- en gascentrales (E.ON, RWE (ex-Essent) en Vattenfall (ex-Nuon)? Tennet heeft zich de afgelopen jaren voor miljarden ingekocht in de Duitse netwerken en beheerst het stroomtransport in een strook van ruim 100 km breed van Bremen/Hamburg naar München. Zijn die belangen voor het staatsbedrijf groter dan die van energiecoöperaties en ontwikkelaars van zonneparken in Nederland?

Wethouder Gennep baalt als een stekker